Facebook  Linkedin

OVER MIJN WERK

image.jpeg

 

openingsspeech

Opening Veel Natuurlijk! Matilde Zijp, Ars 11 nov. 2017

 

Nicole Roepers

 

 

 

In 1992/93 – ik was net afgestudeerd- werkte ik een jaar in Museum De Lakenhal mee aan de tentoonstellingenreeks “Vijf eeuwen landschap”. Het waren eigenlijk drie tentoonstellingen, met elk een eigen titel: “Tussen fantasie en werkelijkheid” besloeg de landschapsschilderkunst van de 16e tot en met de 18e eeuw. 19e eeuwse schilderijen werden gebundeld onder de titel “Tussen sentiment en waarneming”  en de presentatie “Vertrekpunt: landschap”  liet werk van hedendaagse kunstenaars zien.Ik moest aan deze tentoonstellingen denken toen ik afgelopen donderdag hier Matilde’s werk, bij elkaar zag.  In deze installatie-achtige opstelling trekken de landschappen op groot formaat in eerste instantie de aandacht.

 

Zoals Jacob Savery de Jonge in de 17e eeuw herinneringen aan landschappen die hij op zijn reizen zag, in zijn schilderijen verwerkte en een nieuwe overweldigende natuur creëerde, zo laat Matilde zich ook inspireren door beelden van landschappen in binnen- en buitenland. Of nu Lisse, Tirol, Schotland, Friesland of Andalusië de werkelijke bron is, zij bedenkt en schildert nieuwe landschappen, waarin bijvoorbeeld parasoldennen nog de enige verwijzing naar een concreet gebied zijn. De met vlotte toets neergezette kleurrijke landschappen zijn verbeeldingen van haar herinneringen en emoties aan verblijven in de natuur.

 

Tegelijkertijd doen deze landschappen mij ook denken aan enkele werken van HJ. Weissenbruch. Hij en zijn Haagse School-collega’s wilden juist het landschap om zichzelf portretteren, het laten ontstaan vanuit de eigen waarneming en zij gebruikten daarvoor gewaagde kleurpaletten. De speelsheid in hun schilderijen en de –van de Franse impressionisten overgenomen  focus op licht- zie ik ook in Matilde’s werk terug. Alsmede een verlangen naar het opgaan in de natuur. Ook al ontbreekt de mens in haar schilderijen: deze landschappen balanceren tussen sentiment en waarneming.

 

Het landschap kent in de beeldende kunst natuurlijk die eeuwenlange traditie en toch is het nog steeds een belangrijke inspiratiebron voor hedendaagse kunstenaars. Sinds de vorige eeuw vormt het echter meer een vertrekpunt voor nieuwe interpretaties, dan alleen een verbeelding. De natuur kan emoties losmaken, ons doen herinneren aan gebeurtenissen, of ons confronteren met juist het verdwijnen ervan. Veel kunstenaars ‘gebruiken’ zo de natuur om een persoonlijke visie uit te dragen; zij leveren commentaar, voeren haar op als stille getuige, abstraheren haar, gebruiken haar letterlijk als materiaal. Dat alles zien we terug in deze landschappen hier, maar  ook in de andere werken, in de vele dierfiguren, het gebruik van plantelementen, natuurlijke materialen. En in veel van deze werken komt ook een maatschappelijk engagement naar voren. Vogels en kippen werden niet door Matilde geschilderd als lieflijk stilleven, maar verwijzen juist naar het huidige plasticsoupdrama of de bio-industrie met haar plofkippen. Kolenmijnen, grensgebieden: het zijn thema’s die op niet heel nadrukkelijke wijze aanwezig zijn, maar een belangrijk uitgangspunt van de kunstwerken vormen.

 

Matilde richtte deze zalen in als een soort Wunderkammers, de eeuwenoude verzamelkamers waarin natuurlijke objecten met kunst en wetenschappelijke voorwerpen werden gecombineerd en zo een eenheid vormden en een heel persoonlijk verhaal van de verzamelaar vertelden. Matilde ging hier ook zo te werk en combineerde de monumentale landschappen met een keur aan andere kunstwerken, figuratief en abstract door elkaar heen, alle in uiteenlopende technieken. Veel van de werken schilderde de kunstenaar op bijzondere dragers. Want Matilde is ook een verzamelaar, van de oude geschiedenisschriftjes van haar man, van muziekpapier, krantenknipsels, natuurlijke objecten, van het restmateriaal van een timmerman tot aan de doosjes van franse kazen. Alles kan gebruikt worden als drager.

 

Wie haar atelier kent – een grote overvolle Wunderkammer met vele kastjes en laden- kan zich voorstellen hoe moeilijk het geweest moet zijn een uiteindelijke selectie voor deze tentoonstelling te maken. Maar dat is haar goed afgegaan, al moesten er op het laatste moment wel wat werken afvallen. Wat restte is een uitgebalanceerde compositie over drie zalen waarin rust en chaos elkaar afwisselen en die een lust voor het oog is.

 

 

 

Matilde houdt van kleur; zij kleedt zich daar ook naar. Afgelopen donderdag vielen mij bij binnenkomst direct twee kleuren op: het oranje ton-sur-ton palet van Matilde’s kleding en meer nog het roze in haar werken. In alle zalen springt deze kleur in eindeloos veel varianten eruit, van kwetsbaar babyroze in suggesties van bloemen, via oudroze dierfiguren, bleekroze papier als ondergrond, oranje/roze lijsten  tot dreigend, bijna fluoriserende magenta-luchten in de meest recente Andalusische landschappen. Een specifiek –bijna huidachtig- roze in het landschap van de Kolencentrale herinnerde mij aan het schilderij: “De roze-vingerige dageraad” van Willem de Kooning, dat ik begin jaren ’90 zo vaak in het Stedelijk Museum bekeek. Het is een schilderij dat het beeld oproept van idyllische natuur, maar geheel ontstond uit De Koonings intuïtie en herinnering, eerder een abstracte weergave van het landschap. Het balanceert “Tussen fantasie en werkelijkheid” en die titel is ook geheel van toepassing op deze rijke presentatie van Matilde’s werk, waarin zo VEEL elementen, materialen, technieken, herinneringen, gedachten, anekdotes van haar op een NATUURLIJKE wijze bij elkaar komen. Het is een installatie waarin Matilde’s karakter, persoonlijkheid en brede kunstpalet zeer goed weerspiegeld wordt. 

 

Ik heb gestudeerd aan de Academie Minerva in Groningen.Ik werk over het algemeen kleurrijk en expressief, maar vaak ook poetisch en verstild. Favoriete onderwerpen zijn landschappen, de laatste jaren met name Noorse en Schotse landschappen. De leegtes en ruigte daar spreekt me erg aan. Verdere onderwerpen zijn dieren en planten, waarbij vaak een politieke of maatschappelijke lading verschijnt, zoals bij de plasticsoep vogels, de plofkip en de doorgefokte zieke hondjes. Kleine werkjes lijst ik vaak in in bijzondere lijstjes. Verder verzamel ik houten vormpjes die ik beschilder, het worden dan kleine wandobjecten. Regelmatig geef ik mijn werk een Friese ondertitel. Mijn werk is ook te huur.

 

 

Janet Meester, juni 2017

Een vorm van verblijven

Landschappen en installaties van Matilde Zijp

‘Ik schilder een wereld waar ik graag wil zijn’, zegt Matilde Zijp. Haar atelier, dat een univer­sum op zichzelf is, is volgestouwd met tekeningen, schilderijen, etsen, colla­ges, foto’s en krantenknipsels. Op de ezel staat een werk in wording, laag over laag geschil­derd in olie­verf op doek. ‘Taaie materie’, zegt de kunstenaar. ‘Liever gebruik ik acryl, om de vaart er­in te hou­­den.’

Grote schilderijen op papier, in alkyd, acrylverf en krijt, tonen landschappen. Indrukken die de kunstenaar opdeed tijdens haar jeugd in Friesland, vormen de bron: de bossen en velden, die lieflijk en warm kunnen zijn, maar ook troosteloos en verlaten. Wandelingen in Schot­land, IJsland, Scandinavië en Spanje vormen de directe aanleiding voor de schilderijen. De landschappen komen tevoorschijn uit een beweeg­lijke, haastige toets in heldere, contrast­rijke kleuren en een oppervlak dat laag over laag is aange­bracht, vaak op een al bestaande onder­­­grond. Het schilderen lijkt een spelen en een richting geven tegelijk. Er is het pure ple­zier in het toevallig ontstane - de poëzie van kleur, verf en huid - en er is het zoeken naar het moment waarop er een coherent geheel ontstaat: een doorleefde, geschil­derde werke­lijk­heid. Soms zijn de werken juist schraal gehouden en volstaan een enkele lijn, een sum­mier vlak en het wit van de ondergrond om een ruimte op te roepen, waarin niet alleen de kun­ste­naar, maar ook de kijker dwalen kan. Toets, lijn en kleur verlenen karakter aan het ge­schilderde land en vullen de verbeel­de werkelij­k­heid met emotie. Ze paren stilte aan onrust, orde aan cha­os, lichtheid aan zwaar­te, realisme aan betovering – en getuigen van een wereld waarin eenzaamheid en bewogen­heid hand in hand gaan.

Aan de wand van het atelier hangen kleinere werken. Het zijn schilderijen gevat in deco­ra­tieve lijs­ten; tekeningen op muziek­partituur, gebruikte schriftjes of oude liturgische tek­sten; beschilderde hou­ten objec­ten. Er zijn bloemen en bomen te zien, velden en zee­gezich­ten, een kind, een enkel mannenportret. Er zijn composities van kleur­vlakken, die toch weer landschappen zouden kunnen zijn. Hier en daar duikt een hondje op, of een konijn.  Tekst en beeld, decoratie, figu­ra­tie en abstractie werken op elkaar in en gaan orga­nisch in elkaar over. De werken zijn ontstaan als vinger­oefeningen; ze doen verslag van alle­daagse obser­vaties. Gepresenteerd als installatie, verbeelden ze een wondere we­reld van vorm en kleur, ergens tussen droom en werkelijkheid, mede­dogen en afschuw, betrok­ken­heid en ver­vreem­ding in.

Schilderen is voor Matilde Zijp een manier om zich tot de wereld te verhouden. Het is een spel dat serieus en vanuit een intense betrokkenheid gespeeld wordt, maar altijd zijn spon­taniteit en openheid behoudt. Voor Zijp geen uiteenzettingen over inhoudelijke thema’s en artistieke visies, geen reflecties over beeldende beteke­nissen. Haar visie schuilt in de hande­ling van het schilderen zelf: het schilderij is haar werke­lijkheid, het schilderen een vorm van verblijven.

 

Vertaling Jean Davidson

 

A way of inhabiting the world

Landscapes and installations by Matilde Zijp

‘I paint a world where I want to be’, says Matilde Zijp. Her studio, a universe in itself, is packed full of drawings, paintings, etchings, collages, photos and newspaper cuttings. On the easel is a work in progress, layer upon layer of oil paint on canvas. ‘A difficult medium’, says the artist. ‘I prefer to use acrylic, to keep up momentum’.

Large paintings on paper, in alkyd, acrylics and chalk, depict landscapes. The impressions she gained growing up in Friesland are the basis for her works: the woods and fields, which can be cosy and warm, but also desolate and deserted. Walks in Scotland, Iceland, Scandinavia and Spain are the direct inspiration for the paintings. The landscapes appear from a mobile, quick touch in bright, contrasting colours and a surface which is put on layer upon layer, often on an existing background. The manner of painting seems playful and directive at the same time. There is pleasure in things which have occurred by chance – the poetry of colour, paint and skin – and there is a search for the moment in which a coherent whole emerges: a painted experienced reality. Sometimes the works are kept minimalist, and a single line, a summary plane and the white of the background are enough to suggest a space in which not only the artist but the beholder can wander.  Touch, line and colour give character to the painted landscape and fill the imagined reality with emotion. They combine calm with commotion, order with chaos, lightness with heaviness, realism with enchantment – and testify to a world in which solitude and engagement go hand in hand.

Hanging on the wall of the studio are smaller works. These are paintings in decorative frames; drawings on musical scores, used notebooks or old liturgical texts; painted wooden objects. You can see flowers and trees, fields and seascapes, a child, the odd male portrait. There are compositions of coloured planes, which could be landscapes. Here and there a dog pops up, or a rabbit. Text and image, decoration, representation and abstraction interact and merge organically. The works originated as exercises; they reflect everyday observations. Presented as an installation, they represent a magical world of form and colour, somewhere between dream and reality, compassion and disgust, involvement and alienation.

For Matilde Zijp, painting is a way to approach the world. It is a game that is played seriously and out of an intense involvement, but which always retains its spontaneity and openness. You won’t find expositions of weighty themes and artistic visions, reflections on expressive meanings. Her vision is contained in the act of painting itself: the painting is her reality, the act of painting her way of inhabiting the world.

 

Mies Olthuis:
Kijkend naar het werk van Matilde lijkt het of er nonchalant gestrooid is met verf, een spat een klodder een veeg. Of er al improviserend dingen/onderwerpen worden neergezet. Alsof je je blik scherp moet stellen. Doe je dat dan is een landschap geen boom , rivier, berg meer maar een ontmoetingsplek van gedachten, een ruimte waarin je kunt verblijven. Geen glossy werk maar bevroren in het moment. Aai de konijntjes, lach om de muizen zwier mee met de draaimolen maar bovenal verblijf in het landschap.

Christiaan van Tol:
Matilde Zijp houdt erg van lijsten, ze verzamelt ze en lijst er haar tekeningen en schilderijen mee in. Dat levert dan een prachtig contrast op. Haar tekeningen en schilderijen zijn namelijk heel los en vrij uitgewerkt. Voor Matilde Zijp betekent het werken met een materiaal dat het materiaal ook zichtbaar is - voor haar geen wegpoetsen van verfstreken. Expressief schildert en tekent ze uiteenlopende onderwerpen als aardappels, dieren, grenzen, landschappen en noem maar op. Ze lijkt (lijkt!) zich niet druk te maken of wat ze maakt ook mooi wordt. Het moet 'overkomen', het moet indruk maken, aanwezig zijn. En, als om al die beweging in toom te houden, lijst ze haar werk in in de mooiste en meest bijzondere lijsten.